Zoeken

Inloggen

Artikelen

Rb Overijssel 211216-2

Rb Overijssel 211216

Citeerwijze: www.letselschademagazine.nl/2017/rb-overijssel-211216-2

beschikking

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht 

Zittingsplaats Almelo 

zaaknummer. C/08/190027 HA RK 16~J 14

Beschikking van 21 december 2016 

in de zaak van

de naamloze vennootschap 
ASR SCHADEVERZEKERING N.V., 
gevestigd en kantoorhoudende te Utrecht, 
verzoekster in de rekestprocedure. 
eiseres in conventie, 
verweerster in reconventie. 
hierna ook wel ASR te noemen, 
advocaat: mr. J.R. Meelker te Amersfoort,

tegen

X
wonende te X, 
verweerder in de rekestprocedure. 
gedaagde in conventie, 
eiser in reconventie, 
hierna ook wel X te noemen, 
advocaat: mr. J.G. Keizer te Amersfoort. 

1. De procedure 

1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: 
- het verzoekschrift; 
- het verweerschrift; 
- de mondelinge behandeling, gehouden op 25 oktober 2016. 

De mondelinge behandeling heeft gelijktijdig plaatsgevonden met de comparitie na antwoord in de dagvaardingsprocedure, die tussen partijen onder zaaknummer C/08/182070 HA ZA 16-43 bij deze rechtbank aanhangig is. Met de advocaten van partijen is afgesproken dat hetgeen in hel kader van de ene procedure is geschreven of verklaard, mede geacht wordt te zijn geschreven of verklaard in de andere procedure. 

1.2. Heden wordt beschikking gegeven.

2. De beoordeling

2.1. Het verzoekschrift strekt ertoe dat de rechtbank voorlopig deskundigenberichten zal bevelen ter beantwoording van de in het verzoekschrift opgenomen vraagstelling ten aanzien van - kort gezegd - de vraag of, en zo ja, in hoeverre X klachten en beperkingen heeft en in hoeverre er tussen die klachten/beperkingen en het ongeval dat X op 6 juni 2012 is overkomen, causaal verband bestaat, met benoeming van een door de rechtbank aan te wijzen orthopeed, neuroloog, neuropsycholoog en psychiater als deskundigen, 

2.2. X verzet zich tegen inwilliging van het verzoek voor zover het gaat om de verzochte benoeming van een neuroloog en neuropsycholoog en stelt dat aanvullend onderzoek kan worden verricht door de neuroloog en neuropsycholoog die hem reeds onderzocht hebben, te weten Borggrove en Bons. X stemt in met benoeming van een orthopeed en psychiater. 

2.3. Een voorlopig deskundigenonderzoek als bedoeld in artikel. 203 jo. 202 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), kan ertoe dienen een partij de mogelijkheid te verschaffen aan de hand van het uit te brengen deskundigenbericht, zekerheid te verkrijgen omtrent de voor de beslissing van het geschil relevante feiten en omstandigheden, om aldus beter te kunnen beoordelen of het raadzaam is een procedure te beginnen. De rechter die op het verzoek dient te beslissen, komt geen discrerionaire bevoegdheid toe. Hij dient het onderzoek in beginsel te gelasten, mits het daartoe strekkende verzoek ter zake dienend en voldoende concreet is en feiten betreft die met het deskundigenonderzoek bewezen kunnen worden. Dit is anders indien de rechter op grond van in zijn beslissing vermelde feiten en omstandigheden van oordeel is dat het verzoek in strijd is met een goede procesorde, dat van de bevoegdheid toepassing van dit middel te verlangen, misbruik wordt gemaakt - bijvoorbeeld omdat verzoeker wegens onevenredigheid van de over en weer betrokken belangen in redelijkheid niet tot het uitoefenen van die bevoegdheid kan worden toegelaten - of dat het verzoek moet afstuiten op een ander door de rechter zwaarwichtig geoordeeld bezwaar. 

2.4. Nu door ASR reeds eerder een bodemprocedure aanhangig is gemaakt en bij tussenvonnis in die bodemprocedure reeds wordt overgegaan tot benoeming van een deskundige neuroloog en neuropsycholoog en bij datzelfde tussenvonnis is overwogen dat eerst in een later stadium tot benoeming van de door partijen beoogde psychiater en orthopeed kan worden overgegaan, heeft ASR bij benoeming van deskundigen middels onderhavige verzoek geen rechtens te respecteren belang. Niet valt in te zien dat benoeming van één of meerdere deskundige bij wijze van voorlopige deskundigenverzoek sneller, goedkoper dan wel anderszins effectiever zal zijn dan de benoeming zoals die thans is voorgesteld bij tussenvorm is, uitgesproken op 21 december 2016. 

2.5. ASR heeft, gelet op de reeds door haar aanhangig gemaakte bodemprocedure geen rechtens te respecteren belang bij het onderhavige verzoek. Dat is reden ASR in de kosten van dit verzoekschrift te veroordelen. Nu de mondelinge behandeling gelijktijdig heeft plaatsgevonden met de comparitie na antwoord in de bodem zaak, ziet de rechtbank aanleiding om voor de vergoeding salaris advocaat de helft van het gebruikelijke liquidatietarief toe te kennen. ASR zal worden veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 452,00 ter zake van salaris advocaat.

3. De beslissing

De rechtbank

In conventie en in reconventie

3.1. wijst het verzoek af: 

3.2. veroordeelt ASR in de kosten van de procedure, aan de zijde van X begroot op € 452,00.

Deze beschikking is gewezen door mr. E.W. de Groot en op 21 december 2016 in het openbaar uitgesproken door mr. M.M. Lorist in tegenwoordigheid van de griffier.

Met dank aan mr. J.F. Roth, SAP Letselschade Advocaten, voor het inzenden van deze uitspraak.

Deze website maakt gebruik van cookies