Overslaan en naar de inhoud gaan

RBAMS 310518 kosten gevorderd (?) en toegewezen 30 uur x 235 = € 7.050,00, inclusief BTW waarbij in het uurtarief rekening was gehouden met 25% ES

RBAMS 310518 oordeel over VAV, gebondenheid aan rapporten neuroloog, neurpsycholoog, orthopeed en ad-er, WO of MBO niveau, 
- kosten gevorderd (?) en toegewezen 30 uur x 235 = € 7.050,00, inclusief BTW waarbij in het uurtarief rekening was gehouden met 25% ES 

De kosten

4.13.
Ter zake van de verzochte kostenbegroting en -veroordeling overweegt de rechtbank het volgende. Artikel 1019aa Rv bepaalt dat de rechter de kosten bij de behandeling van het verzoek aan de zijde van de persoon die schade door dood of letsel lijdt dient te begroten, ook als het verzoek (gedeeltelijk) wordt afgewezen. Dit is alleen anders indien de deelgeschilprocedure volstrekt onnodig of onterecht is ingesteld. Van deze laatste situatie is in het onderhavige geval geen sprake.

4.14.
Bij de begroting van de kosten dient de rechter de zogenaamde dubbele redelijkheidstoets te hanteren: het dient redelijk te zijn dat deze kosten zijn gemaakt en de hoogte van deze kosten dient eveneens redelijk te zijn. [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] heeft aangevoerd dat haar advocaat tot aan het verzoekschrift 20 uur aan de zaak heeft besteed tegen een (gematigd) uurtarief van € 235,00. In het verweerschrift in het kader van het tegenverzoek is in punt 38-39 aangevoerd dat in verband met het vervaardigen van het verweerschrift in het kader van het tegenverzoek, het doorlezen van het verweerschrift van het GVB, het bespreken van dit stuk met [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] in totaal 7 uur is besteed, hetgeen vermeerderd met de 20 uur uit het verzoekschrift neerkomt op 27 uur. Ter mondelinge behandeling heeft de advocaat aangevoerd nog eens drie uur aan het vervaardigen van de aantekeningen voor de mondelinge behandeling te hebben besteed hetgeen het totaal brengt op 30 uur. In dit licht kan de rechtbank het als productie 18 bij verweerschrift in het kader van het tegenverzoek van GVB, overgelegde urenoverzicht van [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] niet plaatsen. In dat overzicht staat een totaal aantal besteede uren opgenomen van 55 uur en 45 minuten. De rechtbank acht 30 uur redelijk en zal hier dan ook van uitgaan. Waarom slechts 15 uur redelijk zou zijn, zoals door GVB is aangevoerd is niet onderbouwd. Dit verweer wordt dan ook verworpen.

4.15.
De advocaat van [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] heeft een lager uurtarief in rekening gebracht om zo rekening te houden met de 25% eigen schuld van [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] . GVB is het met de wijze waarop de 25% eigen schuld in het uurtarief is meegenomen niet eens. GVB stelt dat de totale kostenbegroting evenredig dient te worden verminderd met de mate van eigen schuld van 25%.

4.16.
Het door de advocaat van [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] gehanteerde verminderde uurtarief in verband met de 25% eigen schuld van [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] komt de rechtbank redelijk voor. Of de 20% nu wordt afgetrokken van de totale kostenbegroting ofwel dat direct rekening wordt gehouden met een lager uurtarief maakt voor het eindresultaat niet uit, terwijl het standpunt van de advocaat van [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] dat het achteraf verminderen van de declaraties met 25% wel veel administratieve rompslomp oplevert aannemelijk is. Dit betekent dat de rechtbank de totale kosten begroot op 30 uur x 235 = € 7.050,00, welk bedrag dient te worden vermeerderd met het betaalde griffierecht van € 287,00.

De reconventie

4.17.
Het verzoek van GVB, (i) te bepalen dat [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] ten tijde van het ongeval op MBO-niveau functioneerde, zal gelet op hetgeen hiervoor (in r.o. 4.8) is overwogen worden afgewezen.

4.18.
Het verzoek van GVB (ii) te bepalen dat [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] in de theoretische situatie zonder ongeval parttime en tot 55-jarige leeftijd op MBO+ niveau en/of laag Hbo-niveau in arbeid zou hebben gefunctioneerd is niet onderbouwd en zal reeds daarom worden afgewezen.

5 De beslissing
De rechtbank

5.1.
verklaart voor recht dat de deskundigenrapporten van [naam orthopedisch chirurg] , [naam neuropsychologe] , [naam neuroloog] en [naam registerarbeidsdeskundige] bindend zijn tussen partijen en de bevindingen en conclusies van hen door partijen tot uitgangspunt dienen te worden genomen voor de verdere schaderegeling (een en ander met inachtneming van hetgeen hiervoor is overwogen);

5.2.
verklaart voor recht dat [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] in de situatie vóór ongeval op een hoog intellectueel (WO) niveau functioneerde;

5.3.
verklaart voor recht dat [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] in de theoretische situatie zonder ongeval in arbeid zou hebben gefunctioneerd op WO niveau en/of althans in functies waarvoor een hoog intelligentieniveau was vereist en dat zij na 17 dienstjaren een eindloon van € 70.000,00 (peildatum 2007) zou hebben bereikt;

5.4.
begroot de kosten van het deelgeschil op een bedrag van € 7.050,00, te vermeerderen met het griffierecht van € 287,00 en veroordeelt GVB tot betaling van deze bedragen als kosten van dit deelgeschil aan [verzoekster in conventie en verweerster in reconventie] ;

5.5.
verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad; ECLI:NL:RBAMS:2018:6066